#caption
#caption
Viering NVR 120 jaar


Geef vrouwen de kennis en macht om klimaatverandering het hoofd te bieden

Tijdens de briefing voor de 60ste zitting van de Commission on the Status of Women bij het Ministerie van OCW hield Vrouwenvertegenwoordiger Marije Cornelissen een inleiding over de input van het Nederlands maatschappelijk middenveld voor de CSW. Hieronder de tekst van haar inleiding.

“Gekozen is voor twee prioritaire thema's: klimaatverandering en vluchtelingencrisis. Die keuze is uiteraard met name ingegeven door de actualiteit.
Klimaat staat volop in de belangstelling, na de recente vaststelling van het nieuwe klimaatverdrag in Parijs. Klimaatactie is een integraal onderdeel van duurzame ontwikkeling, dat het centrale thema van de CSW vormt. De link tussen gendergelijkheid en klimaatverandering blijft echter vaak onderbelicht, zoals ook in Parijs helaas het geval was. Ik heb begrepen dat Nederland er tot het laatst voor heeft gestreden om gender en mensenrechten op te nemen in artikel twee van de hoofdtekst, maar dat is uiteindelijk niet gelukt. Wel is er een preambule waarin mensenrechten en gendergelijkheid worden genoemd. Dit jaar worden de kaders voor de uitvoering van het Verdrag vastgesteld, en dat biedt gelukkig een nieuwe kans om gendergelijkheid stevig te verankeren.
De vluchtelingencrisis is uiteraard een zeer actueel en dringend onderwerp, met name voor Europa. Ook het Europees Parlement heeft dit aangemerkt als een prioriteit. Vrouwen en meisjes zijn, zoals dat vaak het geval is, degenen die het ergst lijden. Reden om de link tussen de vluchtelingencrisis en vrouwenrechten hoog op de agenda te zetten.

Verbinden en uitvoeren
Het eerste deel van onze inbreng gaat over het herbevestigen van bestaande documenten rond gendergelijkheid en vrouwenrechten, en met name over het verbinden van deze documenten met de implementatie van de Agenda 2030. De Sustainable Development Goals die vorig jaar werden vastgesteld zijn al holistischer dan de Millenniumdoelen waren. Maar het is van groot belang dat helder is dat gendergelijkheid niet alleen van belang is in het vijfde doel dat specifiek over vrouwenrechten gaat, maar ook voor alle andere doelen essentieel is. In de CSW Verklaring zouden wij dan ook graag de volgende punten opgenomen zien:

►Een herbevestiging van de Beijing verklaring
Een erkenning dat de implementatie van het vrouwenrechtenverdrag, het kinderrechtenverdrag, het verdrag tegen geweld tegen vrouwen, zowel als andere relevante verklaringen, essentieel is voor het behalen van de doelen in de Agenda 2030
►Een erkenning van de link tussen gendergelijkheid en vrouwenrechten, de Agenda 2030 en het klimaatverdrag van Parijs, om de bepaling in de preambule zoveel mogelijk kracht bij te zetten. Een preambule bestaat vaak uit 'de dingen die ook leuk zouden zijn, maar niet perse hoeven', maar dat hoeft niet perse het geval te zijn. Als in de uitvoering voldoende aandacht en druk op dit punt wordt uitgeoefend kan de preambule wel degelijk effect sorteren.
►We zouden ook graag een erkenning zien van het feit dat de uitvoering van Resoluties rond vrouwen, vrede en veiligheid, zoals 1325, essentieel is voor duurzame ontwikkeling;
►en van het feit dat vrouwelijk leiderschap en betrokkenheid van vrouwenorganisaties en vrouwenrechtenactivisten een voorwaarde is voor een succesvolle implementatie van de Agenda 2030.


Klimaatverandering
Het tweede deel van onze input gaat over klimaatverandering. Ik ga niet uitgebreid in op de manieren waarop bij uitstek vrouwen wereldwijd slachtoffer worden van klimaatverandering, bijvoorbeeld als klimaatvluchtelingen, als boerinnen, als hoofdverantwoordelijken voor water, voedsel en brandstof voor hun gezinnen. Maar erkenning van de oververtegenwoordiging van vrouwen als slachtoffers biedt op zichzelf geen perspectief op verbetering. Wat erkend moet worden is het onderliggende probleem: dat vrouwen ondervertegenwoordigd zijn onder degenen met de macht en kennis om klimaatverandering het hoofd te kunnen bieden, zoals politieke leiders, wetenschappers, financiers, landeigenaren, ondernemers. Daar moet iets aan gebeuren.

In de CSW Verklaring zouden wij dan ook graag de volgende punten benadrukt zien:

vrouwelijk leiderschap, van het laagste tot het hoogste niveau; dus van het steunen van vrouwen als lokale leiders, vooral wat betreft het beheer van natuurlijke bronnen, tot het aanstellen van meer topvrouwen in de VN. Het is ook hoog tijd voor een vrouwelijke Secretaris Generaal. En op alle niveaus daartussen; wat mij betreft kan Nederland ook wel eens een vrouwelijke Minister President gebruiken. Specifiek op het thema vrouwen en klimaatverandering zouden we graag zien dat er een UN Special Rapporteur wordt aangesteld, om iemand daar specifiek verantwoordelijk voor te maken.
►Een stevige verankering van gendergelijkheid in de implementatie van alle SDGs én van het klimaatverdrag. Daarvoor zijn onder andere gendersensitieve indicatoren om de voortgang te meten en sekse-gesegregeerde data voor rapportage nodig. Ik heb zelf een slechte ervaring opgedaan met de Europe 2020 goals, waar weliswaar in de originele tekst leuke woorden stonden over gendergelijkheid, maar vrouwen toen het aankwam op implementatie volledig weg zijn gevallen. Het resultaat is een Europees Semester waarin landen niet afgerekend worden op hun inspanningen voor vrouwen, en deze inspanningen dus ook veelal achterwege blijven. Laten we zorgen dat dit bij de SDG’s en het klimaatverdrag niet het geval is!
►Ten derde is het van groot belang dat het geld voor implementatie gender-sensitief uitgegeven wordt, zowel wat betreft de verklaring van Addis Abeba Financing for Development, als het Green Climate Fund. Dat betekent bijvoorbeeld dat de voorwaarden voor besteding zo opgesteld moeten worden dat ook kleinere grassroots organisaties er baat bij hebben. Veel vrouwenorganisaties hebben niets aan tien miljoen, maar zouden enorm geholpen zijn met tien duizend.
►Het betekent ook dat geld voor innovatie niet alleen naar grootse mitigatieprojecten rond nieuwe groene energie moet gaan. Vrouwen zijn bij uitstek gebaat bij innovatie rond adaptatie, bijvoorbeeld met nieuwe technieken voor schoon water dichtbij huis en schone brandstof voor huishoudelijk gebruik.
►En een vierde cluster is het versterken van vrouwen als ondernemers en als voedselproducenten. Onderzoek wijst uit dat vrouwen veel eerder geneigd zijn om duurzaam te ondernemen, zowel in ontwikkelde als in ontwikkelingslanden. Bovendien zijn zij vele malen minder vatbaar voor corruptie, wegens het ontbreken van een old boys network. Vrouwen zijn verantwoordelijk voor 50 tot 80% van de landbouw in de wereld, en zouden een belangrijke macht kunnen vormen op het vlak van duurzame voedselproductie. Ze zijn echter in veel gevallen geen eigenaar van het land dat zij bewerken en hebben gebrekkige toegang tot kennis, kredieten en verkoop-ketens, en kunnen daardoor die macht niet benutten. Voor een succesvolle uitvoering van het klimaatverdrag en van de Agenda 2030 moet daar verandering in komen.


Ik hoop dat Nederland een glansrol zal kunnen spelen in New York, en de unieke positie als voorzitter van de Europese ministerraad zal kunnen gebruiken om een stevige en omvattende verklaring uit te onderhandelen, en dan graag met deze punten erin."

11 februari 2016,
Marije Cornelissen,
Vrouwenvertegenwoordiger 2016


Uitgebreid zoeken